Eigenbeheer

Een directeur-grootaandeelhouder (DGA) heeft de keuze om zijn pensioen in eigen beheer te voeren of het extern te verzekeren. Kiest hij voor verzekeren, dan dient de DGA voor 1 januari 2008 te kiezen of hij onder de Pensioenwet wil vallen.

Van PSW naar Pensioenwet
De Pensioenwet komt in de plaats van de "Pensioen en Spaarfondsen Wet" (PSW). De DGA (houder van 10% of meer van de aandelen) valt buiten de Pensioenwet en mag zelf kiezen of hij zijn pensioen in eigen beheer opbouwt, of dat hij dit dit onderbrengt bij een professionele verzekeraar. Kiest de DGA er voor om niet onder de beschermende werking van de Pensioenwet te vallen, dan vervalt daarmee ook het afkoopverbod. Dit betekent dat er bij faillissement van de BV aanspraak op het pensioen zou kunnen worden gemaakt door de curator. Een werknemer heeft een zelfstandig recht op zijn pensioen, rechtstreeks bij de verzekeraar en zijn pensioen blijft bij een faillissement van de BV dus buiten schot. De DGA verliest deze beschermende werking en kan zijn pensioen dus gewoon kwijtraken.

Veilig stellen van pensioenvoorziening
Om te voorkomen dat de curator het pensioen van de DGA afkoopt, kan een aantal maatregelen genomen worden. Omdat de DGA niet onder de Pensioenwet valt, kan hij kiezen voor een C-polis, waarbij hij zelf de verzekeringnemer is en niet de BV. De pensioenpolis behoort dan tot zijn privé-vermogen en blijft bij een faillissement van de BV buiten schot. Een andere mogelijkheid is het "aanvaarden van de begunstiging" door de DGA, wanneer er toch een B-polis gesloten is. De verzekeraar gaat dan alleen akkoord met afkoop door de curator als de begunstigde (de DGA) hiermee instemt. Een derde mogelijkheid is om de financiële verplichting van de BV (de pensioentoezegging) af te dekken door middel van een levensverzekering. Om te voorkomen dat deze levensverzekering in het faillissement betrokken wordt, kan er door de DGA een pandrecht op de verzekering worden gevestigd. Ook dan kan de curator de verzekering niet zonder medewerking van de DGA afkopen.

Persoonlijk faillissement
Wanneer niet alleen de BV failliet gaat, maar ook de DGA persoonlijk failliet wordt verklaard, dan werken bovenstaande constructies niet en rest alleen de bescherming van artikel 22a van de Faillissmentswet (FW), waarin is bepaald dat de polis niet door de curator mag worden afgekocht als dit tot onredelijke gevolgen leidt. En dan bevinden we ons al snel in een grijs gebied...

Wel of geen Pensioenwet
De DGA kan ervoor kiezen om het pensioen volledig in eigen beheer te houden, waarmee het pensioen volledig buiten de werking van de Pensioenwet valt. De DGA kan er ook voor kiezen om het pensioen volledig extern te verzekeren, waarna hij zelf de keuze kan maken of hij wel of niet onder de Pensioenwet valt. Ofwel: Of hij wel of niet gelijkgesteld wil worden met een werknemer.

Verzekeren of eigen beheer?
Kiest de DGA voor toepassing van de Pensioenwet (en dus aan gelijke behandeling met een werknemer), dan is het niet meer mogelijk om het pensioen over te hevelen naar eigen beheer. Kiest hij ervoor om niet onder de toepassing van de Pensioenwet te vallen, dan kan hij zelf kiezen voor eigen beheer of extern verzekeren. Het voordeel van eigen beheer is het lagere kostenaspect. Althans, dit is een veelgehoord argument. Voor het gemak wordt dan vaak vergeten dat aan eigen beheer ook kosten zijn verbonden, zoals de (jaarlijks terugkerende) accountantskosten. Daarnaast is het voordeel van extern verzekeren dat het pensioen gegarandeerd kan worden. Iets wat in eigen beheer moeilijk wordt. Tevens kan het verzekerde pensioen uitgebreid worden met premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid, wat flink meer zekerheid biedt. En niet onbelangrijk: Wordt de DGA ouder dan op basis van sterftetabellen (of: overlevingstabellen) verwacht mag worden, dan blijft de verzekeraar gewoon uitkeren. Bij een pensioen in eigen beheer is het potje op een gegeven moment gewoon op en stopt de uitkering. Ook het risico van vroegtijdig overlijden kan bij een verzekeraar worden afgedekt.